De Here God verlangt naar een relatie met mensen. Hiervoor is liefde nodig, en liefde kun je niet dwingen. Daarom gaf de Here God  mensen de keuzevrijheid: wil je van Mij houden en met Mij leven of niet?

 

 

 

 

 

Exodus 33:11

 

De HEERE sprak tot Mozes van aangezicht tot aangezicht, zoals een man met zijn vriend spreekt.

 

 

 

Jeremia 23:23

 

Ben Ik een God van nabij, spreekt de HEERE, en niet een God van verre?

 

 

Jozua 24:15

 

...kies voor u heden wie

u zult dienen....

Maar wat mij en mijn huis betreft, wij zullen de HEERE dienen.

 

 

Efeze 2:10

 

Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen, die God van te voren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.

 

 

 

 

 

 

 

Jakobus 1:18

 

Overeenkomstig Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord van de waarheid, opdat wij in zeker opzicht eerstelingen van Zijn schepselen zouden zijn.

 

 

Deuteronomium 30:19

 

Ik roep heden de hemel

en de aarde tot getuigen tegen u: het leven en

de dood heb ik u voorgehouden, de zegen

en de vloek! Kies dan

het leven, opdat u leeft,

u en uw nageslacht.

 

 

Mattheus 22:37

 

Jezus zei tegen hem:

U zult de Heere, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw verstand.

Dit is het eerste en het grote gebod.

 

 

 

 

 

Openbaring 3:20

 

Zie, Ik sta aan de deur

en Ik klop. Als iemand Mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik bij hem binnenkomen en de maaltijd met hem gebruiken,

en hij met Mij.